SPORTEN

Hier vind je info over jouw favo sport. Nu staan nog niet alle sporten erin, maar daar wordt wel hard aan gewerkt. Blijf kijken dus!

Kies een beginletter:

Inline- of rolhockey

Inlinehockey is een snelle flitsende sport, overgewaaid uit de VS. Je rijdt bij inlinehockey op inline skates (of soms op rolschaatsen) en speelt met een hockey-stick en een bal (geen puck). Deze sport lijkt veel op ijshockey met vergelijkbare regels en bescherming. Behendigheid op de skates en balvaardigheid centraal staan.

Het team
De sport wordt zowel door jongens als meisjes beoefend. Een team bestaat uit minimaal acht spelers, waarvan er vier op het veld staan. Daarnaast heeft ieder team een goalie. De sport wordt in competitie verband gespeeld. Ook worden er toernooien georganiseerd.

Wedstrijd
Een wedstrijd begint met een face-off. Er zijn twee scheidsrechters. Een veld is 40 meter bij 20 meter met een boarding die 125 centimeter hoog is.


 


Spelregels
Inlinehockey heeft veel regels en regeltjes. Veel daarvan zijn ingewikkeld of komen maar zelden voor. Hier volgen in het kort de belangrijkste regels van het spel.
- Je mag de bal ook met je skates spelen, alleen niet scoren
.
- Alle spelers mogen onbeperkt wisselen.
- Je mag elkaar aanraken (checken) maar daar zijn wel regels voor: je mag bijvoorbeeld geen grote aanloop nemen als je iemand wil checken. Verder moet je je armen langs het lichaam houden, mag je niet opspringen en iemand niet van achteren checken. Je mag alleen iemand checken die de bal heeft of hem net heeft weggespeeld.
- Je mag ook niet met je handen of ellebogen duwen
.
- Je mag niet slaan of pootje haken met je stick.
- Je moet je stick laag houden, onder je schouder
.
- Er is geen buitenspel; als de bal in het spel is mag je overal staan en mag de bal overal naartoe gespeeld worden
.
- Als de scheidsrechter fluit stopt het spel, anders niet
.
- Alleen de teamcaptain mag met de scheidsrechter praten.
- Bij een face-off moeten alle spelers op hun eigen helft achter de lijn van de face-off staan.
- Als de scheidsrechter een vrije bal aangeeft (een arm omhoog en een arm naar voren) dan mag je overal staan.
- Als je stick breekt moet je deze meteen laten vallen en ga je wisselen.